Geen objecten gevonden

Nieuw actieplan studentenhuisvesting wil 60.000 woningen toevoegen

09-09-2022

Met een nieuw Landelijk Actieplan Studentenhuisvesting (LAS) willen de ministeries van BZK en OCW, gemeenten, onderwijsinstellingen, studentenhuisvesters en studentenorganisaties afspraken vastleggen voor de toevoeging van 60.000 betaalbare studentenwoningen tussen 2022 en 2030. Het actieplan werd donderdag 8 september ondertekend door alle betrokken partijen tijdens het Kencescongres in Den Haag. ‘Ook studenten kunnen niet in gelul wonen’ luidde het thema hier.

 

Behalve voor toevoeging van studentenwoningen staan in het LAS ook afspraken om de stijgende aantallen (internationale) studenten te kunnen beheersen, om capaciteiten beter te kunnen plannen, om het betaalbaar te houden voor studenten en om de pieken in de instroom van internationale studenten beter op te kunnen vangen.

Het nieuwe actieplan beslaat een langere periode dan het vorige (2018-2021), namelijk tot 2030 en is gebaseerd op bestaande en op termijn verwachte tekorten aan studentenwoningen. Het plan is te beschouwen als een uitwerking van de bouwagenda van minister De Jonge van volkshuisvesting op het terrein van de studentenhuisvesting.

Ook bouw in de regio

Toevoeging van de noodzakelijke 60.000 studentenwoningen moet vooral tot stand komen door meer nieuwbouw en door bestaande leegstaande panden te benutten voor studenten. Daarvoor moeten bovendien voldoende middelen, capaciteit  en gronden (bijvoorbeeld op campussen) beschikbaar worden gesteld, allemaal op lokaal niveau. Die lokale toevoegingen zijn dan ook een taak van de gemeenten, onderwijsinstellingen, de studentenhuisvesters en de studentenorganisaties, waarbij grondeigenaren zich inspannen om grond (bijvoorbeeld op campussen) beschikbaar te stellen. Als nieuwbouw in de kennissteden zelf niet mogelijk is, maken die steden samen met BZK afspraken met omliggende gemeenten voor bouw in de regio.

Instroom reguleren

Verder is het de bedoeling dat de groeiende (internationale) instroom bij de universiteiten en hogescholen wordt gereguleerd, iets waarvoor de onderwijsinstellingen sturingsinstrumenten nodig hebben. Ook daarvoor worden in het LAS mogelijkheden aangegeven. Maatregelen die onderwijsinstellingen kunnen nemen om de internationale instroom te beheersen zijn bijvoorbeeld: capaciteitsbeperkingen bij Engelstalige studies, maxima voor niet-Europese studenten of een numerus fixus bij plotselinge instroomgroei. Het LAS wil daarvoor het ministerie van OCW inschakelen.

Betaalbaarheid onder druk

Stijgende bouwprijzen, hoge grondkosten en lange procedures, de overspannen woningmarkt en  strengere eisen voor duurzaamheid maken het steeds duurder om studentenhuisvesting te realiseren, wat zijn weerslag heeft op de betaalbarheid voor studenten. Het LAS zoekt oplossingen die bouw- en verhuurkosten drukken, die het besteedbaar inkomen van de huurder verhogen en die mogelijkheden bieden om malafide verhuurders aan te pakken (zodat de gemiddelde huurprijs omlaag gaat). Daarbij gaat het bijvoorbeeld om studenten inzicht geven in energiekosten, een passend gronduitgiftebeleid door gemeenten en uitfasering van woningen met slechte energielabels (en dus hoge energiekosten) door het ministerie van BZK.

Piekopvang en inclusiviteit

Voor het opvangen van de pieken in de instroom in studentenwoningen in augustus-september en januari-februari moet er beter overleg over aanmeldcijfers komen. Ook zouden studenten tijdelijk met z’n tweeën op een kamer kunnen en wordt verhuur via hospita’s en gastgezinnen gestimuleerd. Om (tijdelijke) huisvesting voor internationale studenten beter mogelijk te maken, zou BZK alle bestaande tijdelijke huurcontracten onder de loep moeten nemen op belangen voor huurders en verhuurders.

En er is in dit LAS ook aandacht voor de inclusiviteit bij internationale studenten: die moet worden bevorderd door bijvoorbeeld gemengde studentenhuizen te stimuleren en door deze groep goed te informeren over hun rechtspositie.

Uitwerking

De plaatselijke uitwerking van alle afspraken wil het LAS laten invullen door lokale programmateams van gemeenten, onderwijsinstellingen, studentenhuisvesters en studentenorganisaties. In veel studentensteden bestaan die al in de vorm van gemeentelijke taskforces.

Omdat de bouw van studentenhuisvesting van planning tot oplevering al gauw drie á vier jaar vergt zullen de partijen de minister van volkshuisvesting vragen om de regie te nemen, eventueel door het aanstellen van een woningbouwregisseur.       

 

Het LAS 202-230 werd ondertekend door: Jolan de Bie, directeur Kences; Chris Kuipers, Directeur-Generaal Volkshuisvesting en Bouwen Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties; Margot van der Starre, Vicevoorzitter Universiteit Utrecht, namens de Universiteiten van Nederland; Heidi Boussen, Directeur directie Hoger Onderwijs & Studiefinanciering, Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen; Floor van Donselaar, teamleider Nuffic; Michelle Klijn, Voorzitter Landelijk Overleg Studentenhuurders; Joram van Velzen, Voorzitter Landelijke Studentenvakbond; Jack de Vries, Voorzitter Vastgoed Belang; Marja van Bijsterveldt, Voorzitter Netwerk Kennissteden Nederland & Burgermeester Delft; Kees Stunnenberg, Voorzitter Kences & Directeur-bestuurder SSH&; Frank Uffen, Oprichter The Class Foundation.

 

Deel deze pagina